FC Progrès Niederkorn – Willem II

FC Progrès Niederkorn – Willem II

Jaja, nondeju. Ik heb ooit aan iemand de belofte gedaan dat wanneer Willem II Europees voetbal zou spelen, ik weer een verslag zou schrijven. Kon ik makkelijk zeggen natuurlijk. Willem II ging toch nooit Europees voetbal spelen. Maar toen ging het ineens goed met de club en nou kon ik die laptop weer afstoffen om met tegenzin jullie éénmalig te voorzien van een lap tekst waar ge akelig van wordt. Het is dus een eenmalige comeback. Tenzij die eikels van Willem II men een loer willen draaien en zich ook langs Rangers worstelen en een uitwedstrijd loten blijft het hier dus bij. Dan witte dè. Mee oew gemauw.

Het waren een spannende paar dagen. De klèène en ons Kee hadden gezondheidsklachten en ondanks dat ik nergens last van had, kneep ik ‘m toch. Als zij corona hebben, kan ik het niet maken om met mede-supporters in een wagen te kruipen en daar ook met een hoop mensen, al is het buiten, een biertje te drinken. De chauffeur had wat voorwaarden gesteld zoals ‘door een rietje drinken’. Gespannen als ik was kocht ik een hele doos rietjes in alle kleuren van de regenboog. Dinsdagmiddag om 17.30 uur kwam het verlossende bericht. Geen corona in huize Kruik en dus kon ik gewoon op pad. Dat van dat door een rietje drinken bleek sowieso een grap. Nou zit ik met een hele doos met rietjes.

Het was woensdagochtend half 6. De wekker gaat. 5 uurtjes slaap gepakt maar ik voel me prima. Ik leef al weken naar deze uitwedstrijd toe. We zouden met 3 man in de auto naar Luxemburg rijden. Ik zou om 7 uur opgehaald worden. Om half 8 zat ik nog door het raam naar buiten te staren als een eenzame bouvier die wacht tot het baasje thuiskomt. Uiteindelijk kwamen de chauffeur en de meneer van de catering toch aankakken en konden we gaan. De wedstrijdspanning was nu pas echt aanwezig. (Geheel volgens traditie volgt nu een bruggetje waar ge echt een slappe zak van krijgt) Wat niet aanwezig was, was bandenspanning. Dus dn chauf diejen banden oppompen, en nog eens, en nog eens. Het hielp niet. Dus dan maar gewoon richting Luxemburg rijden.

Onder het genot van een worstenbrooike, een sapke en een colaatje kwamen we, na een keer verkeerd gereden te zijn (1) aan op een parkeerplaats voorbij Luik. Vanwege het vroege vertrek heb je niet alleen te maken met plaspauzes maar ook met poeppauzes. Samen met onze John ging ik richting de wc. Er was 1 hokje vrij en ik was eerst dus ja… wie het eerst komt, wie het eerst poept. In het hokje naast me werd afgerond en een ander nam het over. Ik hoorde scheetjes. Ik moedigde John aan met een ‘goed bezig’. Ik liep weer naar buiten en even later kwam John ons tegemoet. Hij bleek samen met andere wachtende mannen toegelaten te zijn op het damestoilet…ah.

Ik trok een beugel Grolsch open en vanaf toen had ik er nog meer zin in. Na nog een aantal keer stoppen reden we Luxemburg binnen. Na een gemiste afslag (2) en nog een keer rechtdoor waar we links moesten (3) kwamen we in Differdange aan.

Toeristische route.
Prachtig stukje nijverheid in DIfferdange
Architectonische hoogstandjes rondom het station

We parkeerden bij het station en liepen richting stadion. De eerste Willem II-ers verzamelden zich op dat moment al bij de kroeg. Het stadion… jeh. Het was een beetje een treurige aanblik he. 1 tribune, een paar stoeltjes aan de overkant, maar verder was het niks. We hadden het gauw weer gezien en gingen aan het bier. Er was vooraf met de kroegeigenaar overlegd en besproken dat we met een flinke groep zouden komen. Dat leek ‘ie niet helemaal serieus genomen te hebben want er stond 1 vrouwke achter de bar. En dat vrouwke was ook nog eens verantwoordelijk voor het maken van de brooikes. Het duurde daardoor wat lang voor je bier had. Effe pissen moest je in de kelder doen. Maar die Luxemburgers zèn niet zo groot. Ik stootte dus gruwelijk hard m’n harses aan d’n deurpost. Europees voetbal is lijden.

Het was verder heerlijk toeven bij Café Des Sports. Zelfs een bijzonder matig brooike kon de sfeer op het zonovergoten terras niet verpesten. Biertje d’r bij en heel veel bekenden. Dit is wat je wilt en wat je voor ogen hebt als je een uitwedstrijd bezoekt in Europa. De muziek was aanvankelijk ook top. De DJ draaide voornamelijk Britse classics en dat werd gewaardeerd.

Het werd drukker en drukker en om heel effe te voorkomen dat ik al voor de wedstrijd horizontaal ging moest er effe goed gegeten worden. Er werd gegeten maar goed was het allerminst. Het bleek een Portugese tent. Onze tafelgenoot, de Shampoobaron van Tilburg, wist te vertellen dat ruim 30% van de bevolking Portugees is. Niet gek dus, zo’n tentje. Ik weet ook niet of het typisch Portugees is, maar het was in die zaak bijzonder sfeerloos. Het was er erg kaal. De enige decoratie die er was, was een klein bijzettafeltje met wat kleine beeldjes en een grote tv die aan de muur hing. Verder stonden er hele bijzondere automaten waar je op kunt internetten. € 1,- voor 2 minuten internetten. Ik wist dat Luxemburg een oud lijkenland is maar geen internet? Tering. Beim Zita had verder prima en goedkoop bier (halve liter voor € 3,-, waren we in het Oostblok beland?) maar hamburgers bakken kan ik zelf vele malen beter. Ondertussen werd ons verteld dat 40% van de bevolking van Luxemburg uit Portugal komt. Het werden er steeds meer. Het werkelijke getal ligt rond de 16%. Beim Zita was perfect voor het natje. Het droogje kon je beter ergers anders halen.

Even wat sfeerfoto’s:

Bij de andere kroeg was bij terugkomst net een fust leeg en dat duurde vrij lang waardoor ik geen bier had. Ondertussen kwamen de 2 spelersbussen langsgereden. Supporters staken fakkels en ander vuurwerk af en het onthaal was weer top.

Spreek ik met de politie?

Omdat de aanvoer van bier hierna nog steeds problematisch leek gingen we weer even naar Beim Zita. Meer supporters hadden dat idee en het was er meteen een stuk drukker dan tijdens ons diner. Toen we dan eindelijk onze dorst konden lessen begon het te regenen. Europees voetbal is lijden. Er was qua scherm nog geen zicht op een wedstrijd en dus besloten we het tóch op de heuvel te proberen. Goed nat kwamen we aan en daar zagen we een klein groepke staan. Onder hen onze Schotse vrind Joris met wie ik al veelvuldig contact had over mogelijke gluurplekjes. Mijn bier was ondertussen volledig doodgeslagen in de regen, was lauw van het vasthouden maar de omgeving was zo treurig dat ik me er bijzonder in thuis voelde. Onder de bosjes lag een spoorlijn. Achter ons een kleine parkeerplaats met een hoop moestuintjes. Een eindje verder lag een groot kerkhof met een kerkje. Een stukske verder stond de bekende Willem II-er Antoine, die zelfs een snoeischèèr had meegebracht om zijn gluurplek nog beter te maken. Prachtige meens.

Voor het kerkhof en de kerk werden nog flink wat fakkels en ander vuurwerk afgeschoten en daarmee kon de wedstrijd wel van start. Binnen no-time scoorde Willem II maar dat was nipt buitenspel. Niet veel later maakte Pavlidis alsnog de 0-1 uit een corner. Vanaf dat moment verloor ik wel een beetje de concentratie op de wedstrijd. De groep mensen werd groter en daarvan waren veel vrienden en bekenden. Het werd dus vooral gekut en gelach. Het bier was op en voetbal werd maar sporadisch gevolgd. De 0-3 heb ik nog gezien maar daarna was het voor mij wel klaar. Gelachen om de muziek op de box, mensen die probeerden te trommelen maar het niet konden en om wat Luxemburgse figuren die daar rondhingen.

Willem II speelde verder prima (zag ik later op tv) en spannend werd het geen moment. Het enige wat ontbrak was een biertje om op de overwinning te proosten. Gelukkig stond onze favoriete knuffel-Pool Jan ook op de heuvel en ondanks dat hij tot dat moment maar een paar minuten voetbal had gezien stapte hij gewoon z’n wagen in op zoek naar bier. 5 minuten voor het eind kwam hij aan met in zijn achterbak wat blikken bier. Wat een held. Het was lauw, maar een lauw pilske smaakte nog nooit zo lekker.

Na de wedstrijd besloten wij direct huiswaarts te keren. Maar dat viel niet mee. We hadden de Erwin van de Looi onder de navigatiesystemen bij, die stuurde ons een richting op die nergens toe leidde. We reden rondjes in Differdange (4). Daar kwamen we pas na een minuut of 20 achter toen we voor de 2e keer langs het centraal station kwamen. We bleven maar zoeken naar de uitgang van dit godvergeten kleredorp maar dat viel niet mee. Op zoek naar uitweg besloten we nog maar even de tank vol te gooien. Het tankstation had een grote keur aan gekoelde dranken en ik sloeg nog effe wat halve liters Diekirch in voor de terugweg. Ik schakelde mentaal gezien voor een groot deel uit. De enige lichaamsfuncties die ik nog had waren drinken en pissen. We kozen ook nog eens een ongelukkige route (5) want er was een weg afgesloten ofzo. Echt uuuuren later stapte ik bij mij thuis weer binnen. Willem II was een ronde verder.

Mocht je onze podcast De Korvelse Kant nog niet kennen dan is dit de ideale mogelijkheid om eens kennis te maken. We namen namelijk een half uur durende podcast over deze trip. Dus voor sfeergeluiden en drankgelach verwijs ik je door naar De Korvelse Kant, te beluisteren via Spotify, Soundcloud of Apple.

De Reis

Ik ben een mauwerd, ik weet het. Maar ik had over het comfort van de auto, het tempo, de vele stops en de uitmuntende playlist van de chauffeur echt niks te klagen. Op de terugweg duurde het allemaal wat langer dan gepland (dat hoor je ook wel aan het einde van onze podcast) maar het was top. Echt top. Legendarische trip.

5 Seumertjes.

Frèètwerk

Tjah. Het frèètwerk. Het was net als de hele aanblik van Differdange: vrij treurig. Bij Café Des Sports viet ik een baguette. Das Fraans veur stokbrood. Met ham en kèès. ze vroeg of er ook saus op moest en ik zag een bus ketchup staan dus ik zei ketchup. Dat bleek ook nodig. Wat een smaakloze ham en smaakloze kaas. Ze gooiden dat brooike nog een halve minuut onder een tosti-ijzer met als gevolg dat de kaas niet smolt, maar alleen begon te zweten. Ketchup was echt de smaakmaker.

Als avondeten gingen we naar Beim Zita waar ik een cheeseburger met friet naar binnen werkte. De friet was een soort verrekkes zoute Pombär chips. De hamburger zo droog dagge d’r de ramen mee kont zemen Daarop lag een plak kaas die niet gesmolten was, maar versteent. Wellicht dat ze de plastic verpakking er omheen hadden gelaten o.i.d. Het brood zag er dan wel mooi uit, maar het was muf en oud. Het vatte Luxemburg perfect samen.

1 heel treurig Seumertje.

Thuispubliek

Er stond een meens met een geel-zwarte plu en een meens met een vest met daarop een enorm Stone Island-logo. Die was sowieso heel gevaarlijk denk ik maar verder hield het wel op met de Luxemburgse support.

Uitpubliek

Sfeertje was top. Veel harde kern en weinig pet & sjaal supporters. Die lieten het een beetje afweten. Meer konden er op de heuvel ook niet bij, maar het was tof geweest om Differdange volledig over te nemen. Het niet echt naar de wedstrijd kunnen houdt een hoop mensen helaas toch tegen. 3 zuinig lachende Seumertjes.

Eindoordeel

Het was een trip om nooit te vergeten. Tof dat we tegenwoordig zo’n goed georganiseerde supportersgroep hebben met mensen die hun nek uitsteken om dingen te organiseren en tegenwoordig ook een hoop fanatiekelingen hebben die daar dan gretig gebruik van maken. Europese awaydays, love it. Een waardige opvolger van Monaco uit.

Related posts

Geef een reactie